Beal Booster III Golden Dry 9.7 mm

Compact, goed lopend en extreem licht klimtouw. 11 normvallen, dubbel geïmpregne

Adviesprijs € 167.40
Prijs € 150.85
uw korting: € 16.55 (9.89%)
Gratis verzending incl btw.
  variant Prijs Beschikbaar
50m € 150.85 Voorradig
60m € 179.85 10 Werkdagen
70m € 208.99 Voorradig
Kies hierboven de gewenste variant.
op is op

Touwen

Belangrijke begrippen

  • Voorklimmersvallen: mogelijk aantal voorklimmersvallen (valfactor 1.77 en 80 kg gewicht):
  • Statische rek: Rek van het touw als dit door een statische kracht belast wordt (denk aan een gewicht dat aan het touw hangt).
  • Dynamische rek: Rek van het touw als dit door een dynamische kracht belast wordt (er wordt bijvoorbeeld een val gemaakt). De dynamische rek moet genoeg zijn, anders zou er een enorme klap op de gordel komen tijdens een forse voorklimmersval, met alle gevolgen van dien. De dynamische rek moet echter ook niet teveel zijn omdat de val dan groter wordt. De dynamische rek die bij touwen opgegeven is, is de rek bij de eerste voorklimmers-val. Tijdens latere voorklimmersvallen wordt de rek minder.
  • Wrijving/beweging tussen mantel en kern: Een touw bestaat uit een buitenlaag, de mantel en een binnenmassa (de kern). De mantel beschermt de kern tegen de buitenwereld, de kern zorgt voor een groot deel van de sterkte. Wrijving tussen mantel en kern moet zoveel mogelijk voorkomen worden. Door deze wrijving/beweging kan er veel innerlijke slijtage optreden, en kan het touw onbruikbaar worden.
  • Valfactor: De valfactor is gedefinieerd als de lengte van een voorklimmersval gedeeld door de actieve touwlengte op dat moment (de lengte van het touw dat op dat moment gebruikt wordt). Samen met het gewicht van de klimmer, de rek van het touw en de wrijving die het touw ondervindt van de rots/setjes, speelt deze factor een belangrijke rol in de klap die het touw te verwerken krijgt bij een voorklimmersval. Afhankelijk van de eigenschappen van het touw zijn er dan een aantal voorklimmervallen van een bepaalde zwaarte mogelijk voordat het touw onbruikbaar wordt.
  • Vangstoot op gordel: De vangstoot op de gordel en dus op de klimmer is de klap die op de gordel, en dus de klimmer komt bij een voorklimmerval. (=impact force in het Engels). Bij een touw is er een maximum vangstoot die op kan treden (het touw rekt immers dynamisch uit). Er is een door normen voorgeschreven maximale toegestane vangstoot voor touwen (12kN voor enkeltouw, bij de eerste val aan een touw met een factor 1.77 en 80 kg gewicht). Vanwege de gevolgen voor de klimmer is een hogere vangstoot onwenselijk. Een klimmer zou anders bijvoorbeeld zijn rug kunnen breken.
  • Constructie mantel: De mantel beschermt de kern tegen invloeden van buitenaf. De mantel bestaat uit klossen van vezels die zich in een geweven patroon in de mantel bevinden. Een mantel kan bestaan uit een groot aantal kleine klossen of een klein aantal grote klossen. Een mantel met een klein aantal grote klossen is dikker. Dit is goed voor de levensduur, omdat er een grotere beschermlaag tegen wrijving en schuren is. Het is minder goed voor de dynamische prestaties van het touw: de vangstoot zal omhoog gaan.
  • Diameter en gewicht: Trouwen met een grotere diameter zijn in het algemeen beter tegen slijtage bestand. Natuurlijk hangt veel af van de constructie van de mantel en de impregnatie van het touw. Een grotere diameter betekent uiteraard een groter gewicht Bij gletsjertochten wordt er meestal gebruikt gemaakt van een enkeltouw.


Voor de klimsport zijn er verschillende soorten touw voor specifieke doeleinden.

Dynamisch touw

Het meest voorkomende klimtouw. Het touw bestaat uit een nylon kern waarin o.a. een draadje zit met daarop de nummers waaruit men de productiedatum en de karakteristieken van het touw kan opmaken. Daaromheen zit dan het eigenlijke touw gevlochten. Daar nog omheen zit dan de mantel (die meestal gekleurd is) en die zorgt voor bescherming van het touw. Dynamisch touw is een touwsoort die relatief veel meerekt bij een dynamische belasting. Bij een val wordt dus een deel van de valkracht opgevangen door de rek van het touw, dit maakt de val minder hard en voorkomt rugblessures. Het touw rekt ongeveer een 50cm per 10m (dit hangt af van soort tot soort). Dit type touw wordt gebruikt om iemand te beveiligen tijdens het klimmen. Het is het meest gebruikte touwsoort bij zowel rotsklimmen, alpinisme, ijsklimmen en indoorklimmen. Bij het top-ropen in de klimhal worden meestal minder dynamische touwen gebruikt met minder rek. Omdat bij top-ropen de klap bij een val een stuk minder groot is dan deze bij voorklimmen kan zijn, is deze keuze veilig. Alle touwsoorten die wij verkopen (uitgezonderd prusiktouw) zijn dynamisch, tenzij anders vermeld. De uiteinden worden meestal getaped en dichtgeschroeid tegen uitrafelen. De touwen bestaan in diameters van 7 tot 11 mm.

Let op de valfactor

Statisch touw

De tegenhanger van dynamisch touw is statisch touw. Dit touw wordt gebruikt om op af te dalen of om op het touw zelf te stijgen met een stijgklem. Dit touw wordt veelal gebruikt bij speleologen omdat zij enkel stijgen en dalen op touw. Ook worden deze touwen gebruikt door klimmers die doormiddel van een stijgklem omhoog willen klimmen en langs het touw willen abseilen/afdalen. Dit touw mag niet gebruikt worden om stijgende klimmers te beveiligen omdat het niet meerekt en de val dus veel harder zou worden. Het wordt wel gebruikt bij rotsklimmers om te "Abseilen" ( = rapellen) omdat het niet meerekt. Over het algemeen zijn de statische touwen goedkoper en duurzamer dan dynamische touwen.

Canyoningtouw

Canyoning is het afdalen met touwen langs watervallen. Sommige statische touwen zijn canyoning-touwen. Het gebruikte materiaal maakt dat dit touw kan drijven. Het is meestal ook fel gekleurd (oranje, rood of geel) zodat men het snel en gemakkelijk terug vindt.

Enkeltouw

Enkeltouw bestaat uit een enkele streng. Dit touw is relatief licht per strekkende meter, de dikte kan variëren van 9 tot 11 millimeter. Bij de enkeltouwtechniek maakt men gebruik van één touw dat sterk genoeg is om een aantal normvallen te kunnen overleven. Zolang er geen steenslaggevaar is (dit is vaak het geval in de routes van een enkele touwlengte), kan men bij sportklimroutes vaak volstaan met een enkeltouw. Men hoeft maar een touw in het setje te klikken en men staat boven aan de route niet onnodig veel touw in te nemen. Tegenwoordig kent men zelfs enkeltouw dat een kantenval (een val over een scherpe rand) kan houden. Kiest men voor snelheid en souplesse dan is een enkeltouw meestal de keuze. Abseilen gaat echter maar over de helft van de beschikbare lengte, omdat het touw dubbel genomen moet worden. Daardoor is het touw minder geschikt als er veel abseils gemaakt moeten worden, bijvoorbeeld bij lange rotsklimroutes. Een enkeltouw kan voor behoorlijk wat wrijving zorgen als er veel hoeken gemaakt moeten worden in de klimroute. En je hebt maar één streng, dat kan bij steenslag een nadeel zijn.

 

Dubbeltouw, halftouw, halbseil (Duits), double rope (Engels)

Bestaat uit twee strengen. Bij voorklimmen moeten beide strengen gebruikt worden, en dus wordt er aan beide strengen ingebonden. Voor het zekeren van naklimmers en voor gebruik op de gletsjer is slechts één streng nodig. Op graten en bij kort touw gebruik je beide strengen. Dubbeltouwen hebben een hoog gewicht per strekkende meter en als je aan korter touw gaat komt er veel touw om je schouder te liggen. Ook is het gewicht hoog.

 

Dubbeltouw heeft echter ook een aantal voordelen:

  • Minder touwwrijving doordat je de strengen niet elk door alle setjes hoeft te halen, maar één streng meer links en één streng meer rechts t.o.v. jezelf kunt houden bij het klimmen. Zeker in alpine klimroutes is het routeverloop nogal grillig en niet in een rechte lijn. Iets wat bij het sportklimmen in enkele touwlengtes minder aan de orde is. Doordat bij een dubbeltouw één streng voor de tussenzekeringen links van de klimmer, en een rechts van de klimmer gebruik kan worden, maakt het touw minder bochten en is er minder wrijving.
  • Abseilen kan over de volledige lengte van het touw. Dus met 2 maal 60 meter dubbeltouw kan men 60 meter abseilen Je kunt tegelijkertijd twee naklimmers zekeren, ieder aan een streng
  • Als bij steenslag een touw het begeeft, heb je nog altijd één streng over.

Tweelingtouw

Het touw bestaat uit twee strengen van 7-8mm dikte. Bij voorklimmer moeten beide strengen door alle setjes worden gehaald. Dit kan zorgen voor problemen met touwwrijving, wanneer het touw in veel hoeken loopt. Op de gletsjer is een streng afdoende. Bij graten en kort touw gebruik je beide strengen. Officieel moet je bij het zekeren van een naklimmer ook beide strengen gebruiken. Voordeel ten opzichte van enkeltouw is de volledige abseillengte, Ten opzichte van dubbeltouw is het lichter per strekkende meter en t.o.v. van enkeltouw is het zwaarder per strekkende meter.

 

Enkel, dubbel, of tweelingtouw?

Vaak biedt een enkeltouw veel voordelen. Het is lichter en aan kort touw hoef je geen enorme bos om je schouder te leggen. Een probleem dat zich met enkeltouw kan voordoen is dat abseilpunten zich regelmatig zo’n 25-30 meter van elkaar bevinden. Aan een 50-meter enkeltouw heb je dan niet genoeg. Een 60-65 meter enkeltouw ondervangt dit probleem en is nog altijd lichter dan een dubbeltouw of tweelingtouw. Een 30-35 meter dubbeltouw en tweelingtouw zou niet praktisch zijn, je kunt slechts een korte lengte voorklimmen en voor reddingstechnieken op de gletsjer heb je niet genoeg. Dubbeltouwen en tweelingtouwen worden veelal gebruik bij technische routes in ijs en rots. Bij veel horizontale afstanden tussen tussenzekeringen biedt dubbeltouw het beste alternatief tegen touwwrijving. En bij routes waar veel abgeseild moet worden bieden dubbeltouwen en tweelingtouwen de meeste voordelen. In alpien wordt tot gradering AD of ZS (rots lll en sneeuw/ijs tot 55 graden stijl) vaak een enkeltouw gebruikt. Vaak wordt in dit terrein nog vooral aan kort touw gegaan en hoeft er niet veel te worden abgeseild. Wordt het terrein lastiger dan wordt er vaak van standplaats tot standplaats geklommen. Als de route dan vele hoeken heeft oftewel ‘slingert’ biedt dubbeltouw de beste oplossing tegen touwwrijving. Voor lange abseilroutes zijn enkeltouwen onhandig. Een ander belangrijk punt is steenslag of ijsslag. Als één streng van een dubbel of tweelingtouw onbruikbaar wordt door steenslag of ijsslag, dan heb je altijd nog één streng over! Ook al wordt deze streng dan niet ’correct’ gebruikt, iets is beter dan niets. Bij sportklimmen worden dubbeltouwen weer gebruikt om touwwrijving te voorkomen, en dubbeltouwen en tweelingtouwen bij lange abseilpistes. Enkeltouwen worden veel gebruikt in terrein waar bovenstaande niet van toepassing is, het is immers nog altijd het lichtste touw.

50, 60 of 70 meter?

Met lange touwen heb je minder standplaatsen nodig en kun je uiteraard ook verder abseilen. In de Alpen komt het regelmatig voor dat abseilpunten zo’n 25 tot 30 meter uit elkaar liggen (bijvoorbeeld op de Zwitserse normaalroute van de Matterhorn). Een 50 meter is dan te kort indien je een enkeltouw hebt. In veel sportklimgebieden zijn de meeste routes behaakt waardoor de afstanden tussen standplaatsen vast staan. Je kunt het touw daarop afstemmen. Een langer touw is flexibeler (je kunt het in meerder routes gebruiken), maar wel zwaarder.

Gebruik en onderhoud

Sta niet op het touw en houd het zo droog mogelijk. Maak het zo min mogelijk vuil (gebruik bijvoorbeeld een touwzak in plaats van dat je een touw op één modderige bosgrond legt). Bewaar het droog op een koele en donkere plaats. Als het touw erg vuil is, kun je het beter in de wasmachine stoppen. Regelmatig wassen met alkalivrije wasmiddelen kan snelle slijtage voorkomen. Gewoon uitspoelen met handwarm water is ook goed maar let op het kalkgehalte van het water. Een bovengemiddeld kalkgehalte in het water kan er voor zorgen dat er kalk in de mantel kom waardoor het touw stijf wordt.

 

Levensduur

Volgens de PBM-richtlijnen (PBM = persoonlijke beschermingsmiddelen) moet iedere touwfabrikant in de gebruikshandleiding een indicatie van de levensduur opgeven. Dit kan er zo uitzien: "Bij niet frequent gebruik 4 tot 5 jaar, bij frequent gebruik 2 jaar, bij zeer frequent gebruik 1 jaar of minder". Afgezien van wat onder frequent te verstaan is, is iedere indicatie van de levensduur slechts een getal. Zolang een klimtouw niet over een scherpe kant belast wordt zal het niet breken. Echter bij een gigantische val wordt de belasting zo groot dat het risico van breken bestaat. Een oud touw heeft ook veel minder rek zodat de klap op de gordel bij een val groter is. Anderzijds kan ook het nieuwste en het beste klimtouw bij de eerste val breken wanneer het over een scherpe kant belast wordt. In het hooggebergte, waar met invloeden van scherpe kanten meer rekening dient gehouden te worden dan in sportklimgebieden, komt het gebruik van tweelingtouwen of dubbele klimtouwen vaker voor. Hierdoor ontstaat een dubbele zekeringsketen: breekt er één klimtouw dan is er nog het tweede touw om de resterende valenergie op te nemen.

  • Voor 21.00 uur besteld = vandaag verstuurd *
  • Rijke outdoor ervaring
  • Winkelpand en laagste prijs garantie
  • Gratis verzending NL en BE vanaf 35 euro
  • Goede service & garantie
  • 69.238 succesvolle verwerkte bestellingen
  • Grootste klimassortiment NL&BE
  • 30 dagen "niet goed, geld terug garantie"

* zie voorwaarden